Duurzaam, origineel en ecologisch speelgoed. Gratis verzending vanaf € 75,00.
Ga naar verlanglijst Verlanglijst

Winkelwagen

Je winkelwagen is momenteel leeg

De grote ontsnapping

De grote ontsnapping

Jefke is het beu. Grondig beu. Als hij nu eens zou kunnen ontsnappen uit dat stoffige sprookjesboek...

 

De grote ontsnapping

 

Jefke is het beu.  Grondig beu.  Al 50 jaar zit hij in een stoffig sprookjesboek, op een stoffige plank, in een stoffige oude kast.  

 

50 jaar geleden had Oma het boek de laatste keer vast gehad.  Ze wilde de avonturen van Jefke de kabouter voorlezen aan Greetje en Jan.  De 2 kinderen hadden haar aangekeken alsof ze een spook was en waren nadien naar buiten gelopen.  Het boek belandde op het schap en is er niet meer van af gekomen.  Intussen was Oma gestorven, en woonde Greetje met haar 3 zonen in het kleine huisje op de heuvel.

 

Deze avond begon zoals iedere andere avond.  Het kleine huisje baadde in het licht van de volle maan.  Jefke hoorde Greetje roepen naar de jongens dat ze hun tanden moesten poetsen.  Hij hoorde hen met tandenborstels naar elkaar gooien, ruzie maken en tandpasta op de spiegel smeren, totdat mama Greetje boos werd.
9 kindervoeten passeerde de boekenkast op de overloop en Jefke zuchtte.  Ook vanavond geen verhaaltje.

 

Klokslag 12 uur keek Jefke weer op.  Zacht getrippel kwam zijn kant op.  Hij drukte zijn gezicht zo ver mogelijk tegen de rand van het boek.

 

"Wel, Jefke, komt er nog wat van?"

 

"Wat moet waar van komen?  Wie ben jij?"  Jefke spitste zijn oren.  Als je in een boek zit, klinkt alles veel doffer.

 

"Ik ben Ploef, de kat.  Maak nu maar dat je begint te duwen, zodat dat boek uit de kast geraakt.  Of wil je hier toch blijven zitten misschien?"

 

De kabouter begreep er niks van, maar hij wilde de kans om uit dat boek te geraken toch niet laten liggen.  Hij schudde met zijn billen, duwde met alle kracht in zijn korte armpjes, draaide rondjes en danste de indianendans.  

 

"Nog een klein stukje, je bent er bijna!"

 

Aangemoedigd door Ploef, wiebelde Jefke nog wat extra.  Het boek begon zachtjes aan over te hellen.  De grond verdween onder Jefkes voeten.

 

BAM.  Met een dreun kwam het oude, dikke sprookjesboek op de vloer terecht.  Jefke keek even rond, klopte het stof uit zijn kleren en zette zijn muts weer recht.
Wauw.  Daar stond hij dan.  Bovenop de pagina waar al jaren zijn verhaal neer geschreven stond.  Hij was klaar voor nieuwe avonturen.

Jefke stapt uit sprookjesboek

Ploef kwam aangelopen met een handdoek waar hij een snee brood en een plak kaas in had geduwd.  

 

"Kwobaam Fefke, we moepen fewtwekken of we sijm te laap." 
(Komaan Jefke, we moeten vertrekken of we zijn te laat) 

 

Jefke griste nog snel een extra paar sokken mee, klom op de rug van de kat en nestelde zich met de handdoek en het eten in de zachte vacht.  Er zijn ergere manieren van reizen, vond hij.
Ploef liep de deur uit en haastte zich de lange zandweg op.  De volle maan wierp een helder licht op de weg.  Jefke keek nog een keertje achterom, terwijl het kleine huisje op de heuvel langzaam uit het zicht verdween.

 

"Als we goed doorlopen, zijn we voor zonsopgang aan de rand van het bos.  Van daaruit moet je zelf verder."

 

"Hoezo?  Waarom ga jij niet mee?", vroeg Jefke.

 

"Omdat ik een kat ben.  Ik pas niet door de deurtjes van het droombos.  Vind ik niet erg hoor, ik vind het al heel fijn om al mijn magische vrienden de weg te wijzen."

 

De kabouter liet het even bezinken.  Wat een vreemde nacht was het toch.  Hij was zonder pardon uit het sprookjesboek gestapt en was nu met een sprekende kat onderweg naar het droombos.  Wat hij daar dan ging doen, daar had hij geen flauw benul van.  Hij besloot het maar gewoon op zich te laten afkomen, zakte wat onderuit en at van de boterham met kaas.

 

Na een lange wandeling stond Ploef stil.  Jefke hoorde een uil roepen.  Hij keek rond en nam het landschap in hem op.  Aan zijn linkerkant zag hij uitgestrekte velden die bleek lagen te rusten in het licht van de maan.  Aan de rechterkant wiegden hoge bomen zachtjes heen en weer.  De dichte struiken maakten het bos weinig uitnodigend.

 

"We zijn er," zei Ploef.  De kat floot een grappig deuntje en niet veel later kwam er een klein, gloeiend balletje aanzweven.  Het stopte voor Jefke en de kat.

 

"Zo, hier nemen wij afscheid.  Volg het zweeflicht het bos in, het brengt jou daar waar jij moet zijn.  Wees voorzichtig waar je stapt en stop niet voor je er bent.  Het ga je goed, kabouter Jefke."

 

Met een high five nam Jefke afscheid van Ploef.  De kabouter staarde het donkere bos in, slikte een brokje schrik weg en zuchtte even.

 

"Zeg, Ploef,..." begon hij.  Hij keerde zich naar de kat, maar die was intussen alweer vertrokken.  Jefke zag nog net zijn staart achter de bocht verdwijnen.
"Tja.  Dan zijn het nu jij en ik, lichtje.  Wijs me de weg, ik ben er klaar voor."

 

Het lichtje danste vrolijk voor Jefke uit het bos in.  Die had de grootste moeite om het gloeiende bolletje te volgen, maar hij verloor het niet uit het oog.
Jefke sprong over takjes, klom over hopen bladeren en kroop onder struiken.  Na een tocht die wel 3 uur leek te duren, klaarde het op.  Het lichtje bleef even wachten.

 

Jefke kwam aan op een open plek in het bos.  Het vroege zonlicht speelde tussen de bladeren en verlichtte het grasveldje waar de kabouter op uitkwam.  Aan de overkant van het veldje zag Jefke een deurtje.  Het was een heel kleine deur, met een prachtige knop.  
Het lichtje snelde naar de deur en hopte daar wat heen en weer.  De kabouter liep dichterbij.  Hij keek achterom, naar het donkere bos.  Daarna duwde hij tegen de deurknop, en deed het deurtje open.

Reacties

Wees de eerste om te reageren...

Laat een reactie achter
* Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.
Geen cookies om te knabbelen, wel om onze website te verbeteren. Manage cookies